De theorie

Onze training geeft inzicht door achter de uitingen van een kind te leren kijken.

Een voorbeeld: Als iemand rood wordt, een verkrampt gezicht trekt en met veel beweging zijn lichaam opblaast, herkennen we dit als “die is boos”. Als iemand zich kleiner maakt en zich probeert te verstoppen, herkennen we dit als “die is verlegen”. Dit zijn (bekende) uitingen ontstaan vanuit een gevoel.

De ontdekking van het “emotiewoordenboek” kan ons leren dat we gevoelens / emoties ontvangen met een reden. Dat ze ons en onze omgeving iets willen vertellen. Er zit dus een vertaling achter die uitingen. Om een bepaald gedrag te kunnen begrijpen dienen we de uitleg van de emotie op te zoeken en daarnaar te handelen. Zo voelt een kind zich sneller begrepen en kan de docent gerichter sturing geven.

Kortom;

“Constateer een gedrag, herken de emotie die dit gedrag veroorzaakt, zoek op alfabetische volgorde deze emotie op en handel naar de uitleg ervan”.

 Zo simpel kan het zijn...

.. maar wat hebben we, als mens, echter eeuwen geleden al gedaan? We hebben een oordeel geveld over deze emoties en via onze normen en waarden er goed of fout aan gekoppeld. We hebben onszelf dus aangeleerd om bepaalde emoties niet meer toe te laten. Hierdoor zijn we verleerd om te communiceren en te reageren vanuit de bedoeling van de emotie. Vanuit onze eigen overtuigingen, hebben we weerstand ontwikkeld tegenover het ontvangen en uiten van enkele of misschien wel alle emoties. Daarom is het niet zo vanzelfsprekend als het zou moeten zijn om ons universele communicatiesysteem (het emotionele woordenboek) op de juiste manier te gebruiken.

Mijn grootste bron van inspiratie is afkomstig van de emotieleer, ontdekt door de fysicus Marinus Knoope. Tijdens mijn training maak ik tevens gebruik van het gedachtegoed van Lester Levenson. Voor de oefeningen en het leren toepassen van de techniek, maak ik gebruik van creativiteit.

 

Wat lost het op?                                         Wat brengt het je?

Onduidelijk gedrag                                       Duidelijkheid in gedrag

Wanorde                                                        Orde

Onbalans                                                        Balans

Stress                                                             Rust

Respectloos                                                  Respectvol

Oordelend                                                      Vrij van oordeel